Duurzaamheid in het willen

Hoe is werkelijke innerlijke vrijheid mogelijk? Een filosofische benadering van het 8-voudige pad van Boeddha. Verder komt ter sprake het nieuwe idee voor leiders: ‘de ongedeelde wil’. Wanneer is de wil in zichzelf verdeeld en wanneer is de wil ongedeeld, vrij, vitaal en scheppend?

Als ik onverkort uit mijn karakter, gewoonten, emoties of ervaring handel, ben ik onvrij. Ik kan gebruik maken van een gewoonte of van ervaring, maar ik moet kunnen inzien of deze in deze situatie gewenst is. Veel handelingen zijn de uiting van – we bespreken op deze dag hiervan negen vormen – een gefragmenteerde wil. Deze splitst de energie en geeft vermoeidheid. We werken deze dag aan vitaliteitsmanagement. Een voorbeeld hiervan is dat ik iets anders doe dan dat ik wil of dat ik meer wil dan dat ik aankan. Persoonlijk meesterschap vraagt – zoals we dat op deze dag bespreken – ‘een ongedeelde wil’, die vrij en ongehecht blijft en toch volledig in zijn eigen kracht kan blijven. Een ongedeelde wil geeft geduld waar je niet verder kunt en een grote wilsontvouwing waar de werkelijkheid het toelaat. De ongedeelde wil is flexibel en standvastig tegelijkertijd. In de ongedeelde wil ben je niet vereenzelvigd met het resultaat of met de wijze waarop het resultaat gehaald moet worden. Door die vrije wil kan des te sterker op de juiste wijze het doel bereikt worden. Het staan in de ongedeelde wil is het staan in het onaangetaste wilsvermogen. De ongedeelde wil blijft in de rust van de ongedeelde aandacht of de tegenwoordigheid van de geest. Dat betekent dat je in je kracht kan blijven staan en dat deze ongedeelde wil juist energie geeft. Leiderschap vraagt een dergelijke sterke, vitale en toch beweeglijke wil.

 

Aanmelden:

via het: aanmeldformulier